Toen hij in 1997 terugkeerde van een Trans-Pacifische race deden de kapitein en bemanning van een raceboot Charles Moore een onaangename ontdekking in een van de meest afgelegen delen van de wereld: een enorme drijvende vuilnisbelt van plastic rommel die zo ver het oog reikte in de oceaan dobberde.
Hij noemde het de Great Pacific Garbage Patch, ook bekend als plasticsoep, kunststofarchipel of drijvende vuilnisbelt. Deze gigantische hoeveelheid plastic bestaat voornamelijk uit vistuig, plastic afval en ander door de mens veroorzaakt (half)drijvend afval dat samenklontert doordat de enorme ringvormige zeestroom van de Stille Oceaan, de Noord-Pacifische gyre, het afval in een reusachtige kolk opgesloten houdt tussen Californië en Hawaï.
Deze plasticsoep is het directe gevolg van onjuist beheer, dumpen en zwerfafval door de wereldbevolking. Het verstikt het oceaanleven van de zeebodem tot aan de oppervlakte en neemt in omvang alleen maar toe: er zijn aanwijzingen dat het snel meer plastic ophoopt. Naar schatting 2,41 miljoen ton flessen, zakken en andere polymeermaterialen komen per jaar bij. In 2018 was het drie keer zo groot als Frankrijk en de totale hoeveelheid is 80.000 ton.
In 2010 was de toen 16-jarige Boyan Slat op vakantie in Griekenland en zag er tijdens het duiken meer plastic zakken dan vissen in de zee, waardoor hij dacht: “Waarom kunnen we dit niet gewoon opruimen?”.
Als puber begon hij over het probleem en mogelijke technologische oplossingen na te denken. Zijn profielwerkstuk op de middelbare school beschreef een nieuwe techniek om het afval in de oceaan op te ruimen en hij wijdde een schoolproject aan het verder ontwikkelen van zijn idee. Eind 2012 presenteerde hij zijn ideeën op een TEDx-conferentie in Delft.
Deze TEDx-video ging in 2013 plotseling viraal en door het momentum dat volgde, kon Boyan zijn opleiding Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek stopzetten om The Ocean Cleanup op te richten; een Nederlandse stichting die als doel heeft om technologieën te ontwikkelen om de wereldzeeën van plastic te ontdoen, zodat de stichting overbodig wordt.
Het eerste systeem genaamd ‘System 001’ was ontworpen als een enorme, verankerde, 600 meter lange, drijvende afvalverzamelaar, die plastic verzamelt in een 3 meter diepe rok. Om de paar maanden haalt een vuilnisschip het verzamelde plastic op. Met behulp van computersimulaties en schaalmodellen testte en testte de groep het systeem en op 22 juni 2016 volgde een test met een 100 meter lange proefopstelling ingezet in de Noordzee, 23 km uit de kust van Nederland.
Op deze proef volgden nog vele schaalmodeltests, prototypes op zee en verschillende technologische verbeterslagen. Na een bouwperiode van zes maanden en het nauwkeurig in kaart brengen van de Great Pacific Garbage Patch (GPGP) werd op 8 september 2018 het eerste echter exemplaar van ‘System 001’ in gebruik genomen.
Dat was niet het succes dat iedereen ervan had verwacht en gehoopt; na vier maanden bleek weinig plastic te worden verzameld en het systeem niet sterk genoeg voor de omstandigheden op de oceaan. Een verbeterde versie ‘System 001/B’ werkte wel, maar de voortschrijdende inzichten maakten duidelijk dat het systeem niet voldoende schaalbaar was.
Intussen was de opvolger ‘System 002’ al klaar; het team werkt iteratief, in parallel aan nieuwe versies. ‘System 002’ werd op 10 augustus 2021 gelanceerd en binnen 2 uur was het eerste afval al opgevangen. Bij de eerste test was het systeem ongeveer 120 uur operationeel in het water en werd 8.200 kg afval verzameld. Op 22 september 2021 werd in één keer 3.800 binnengehaald.
In heel 2022 heeft de stichting 153.314 kg afval uit de oceaan weten te halen.
Natuurlijk is er ook kritiek, zoals “De methode holt achter de feiten aan. Je zou het plastic moeten tegenhouden voordat het in zee komt.” Helaas voor de critici was het team daar al lange tijd me bezig en is er inmiddels een ‘Interceptor’ die op rivieren geplaatst kan worden.
Terwijl de ‘System 002’ en ‘Interceptor’ systemen aan het werk zijn wordt gewerkt aan een ‘System 03’ om met minder vaartuigen meer afval te kunnen verzamelen waarbij er ook nog eens minder plastic “ontsnapt” aan de vangarmen. Hiervoor werkt de stichting ook samen met organisaties uit de beroepsvisserij.
Samenvattend denk ik zelf dat er reden genoeg is om Boyan Slat (en zijn team) tot persoon van het jaar 2022 uit te roepen.
