“Steden zijn de motor van de Nederlandse economie”, volgens Het Financieele Dagblad (FD). Nee hoor, vertelt het MKB; “de industrie is de echte motor van de Nederlandse economie ….. Nederland kan het niet alleen hebben van dienstverlening en toerisme.”
Of toch niet; “In de meeste westerse landen zijn ondernemers meer dan ooit de motor van de economie” volgens onder andere De Wereld van 3D Printen. Of toch niet; volgens de OESE is dat de Rotterdamse haven. Of toch niet; “Schiphol en de haven van Rotterdam zijn niet langer de motor van de Nederlandse economie”, zegt de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) volgens de NOS. Dus zegt NetKwesties “Ict is veel belangrijker dan harde infrastructuur”.
Echter. De Volkskrant vraagt ons af: “Wat is werkelijk de motor van de Nederlandse economie: het familiebedrijf, het midden- en kleinbedrijf of de multinational?” en geeft het antwoord ook; uit de cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt: “de multinational is de kurk waarop de Nederlandse economie drijft.”, terwijl datzelfde CBS ook schreef “Innovatie als motor van de economie”
Maar intussen roept Stichting ONL voor Ondernemers: “Het familiebedrijf: de motor van de economie” en de Nederlandse Zuivel Organisatie: “De zuivelsector is de witte motor van de Nederlandse economie” en het Institute for Human Activities: “Kunst, de motor van de economie”,
Het duizelt mij nu; hoeveel motoren heeft “de economie” eigenlijk en wat is dan de startmotor?
